nederlands
english

Kennisbank Sociale Innovatie

Best practices en andere informatie over Sociale Innovatie, Slimmer Werken en Innovatief Organiseren

Terug naar start

Kenmerken

  • Auteur: TNO; Utrecht University School of Economics; Preenen, P.T.Y., Liebregts, W.J., Dhondt, S.; Oeij, P.R.A., Meulen, F.A. van der
  • Datum van publicatie: 5 februari 2015
  • Datum van plaatsen: 5 februari 2015

Downloads

Delen

Acties

Waardering:
Waardering: The Intrapreneurial Behaviour Measure (IBM)
SluitenX

We werken nu nog met veel plezier
aan sociale innovatie, maar het NCSI
stopt per 1 april 2012 haar activiteiten!

Hoe lang kunt u ons nog bereiken?

The Intrapreneurial Behaviour Measure (IBM)

Een meetinstrument om intrapreneurial gedrag van werknemers en factoren die dit beïnvloeden te meten binnen organisaties

2014 - in dit TNO rapport wordt verslag gedaan van de ontwikkeling - samen met de Utrecht University School of Economics - van een instrument om intrapreneurial gedrag van werknemers en factoren die dit beïnvloeden te meten. Het doel was een theoretisch gefundeerd maar praktisch en eenvoudig afneembaar meetinstrument te ontwikkelen dat:

1. algemeen ‘intrapreneurial werkgedrag’ onder medewerkers meet,

2. individuele intrapreneurs kan detecteren,

3. het ‘intrapreneurial klimaat’ kan peilen binnen organisaties, en

4. antecedenten van intrapreneurial werkgedrag in kaart brengt die organisaties handvatten bieden om intrapreneurship in kaart te brengen en te stimuleren.

Intrapreneurship

‘Intrapreneurial werkgedrag’ heeft betrekking op gedrag geïnitieerd door de individuele medewerker, die zich op een (1) innovatieve en (2) proactieve manier gedraagt en (3) risico’s durft te nemen binnen de organisatie vanuit een bottom-up proces. Een individu kan als intrapreneur worden beschouwd wanneer deze in de afgelopen drie jaar betrokken is geweest bij de ontwikkeling van nieuwe activiteiten voor zijn of haar belangrijkste werkgever.

Voorts kan men zogenaamde antecedenten (beïnvloedende factoren) onderscheiden die intrapreneurship binnen organisaties stimuleren en faciliteren. Samen vormen deze antecedenten het intrapreneurial klimaat van een organisatie.

Dit rapport

In hoofdstuk 1 en 2 van dit rapport wordt het belang van intrapreneurship voor Nederland, organisaties en individuen kort toegelicht. In hoofdstuk 3 komt de onderzoeksmethode en het –proces aan bod. In Hoofdstuk 4 wordt het intrapreneurial klimaat (beïnvloedende factoren van intrapreneurship) behandeld. In hoofdstuk 5 is verslag gedaan van een empirisch onderzoek verricht onder ongeveer 600 werknemers werkzaam bij Nederlandse bedrijven met meer dan 50 werknemers. De schalen van de IBM zijn getest op betrouwbaarheid en (externe) validiteit. Daarnaast is er een factoranalyse verricht op de drie dimensies van intrapreneurial werkgedrag (innovatief, proactief en risico nemend werkgedrag). Tevens zijn de relaties tussen de twee intrapreneurshipmaten (intrapreneurial werkgedrag en intrapreneur vs. niet intrapreneur) en hun relatie met de factoren van het intrapreneurial klimaat en enkele individuele uitkomsten onderzocht. In het concluderende hoofdstuk 6 wordt nader ingegaan op de praktische implicaties en de mogelijkheden voor verdere ontwikkeling en vervolgonderzoek.

Resultaten en conclusie

Er is gebleken dat de IBM een betrouwbaar en valide instrument is dat intrapreneurial werk-gedrag meet, individuele intrapreneurs kan detecteren en beïnvloedbare factoren van intrapreneurship (intrapreneurial klimaat) in kaart brengt. In lijn met eerder onderzoek en theorie bleek intrapreneurship positief te correleren met de tevredenheid met het werk, het gevoel van betrokkenheid bij de organisatie en met de inschatting dat men zelf beter presteert dan collega’s met een vergelijkbare functie.

Praktische toepassingen

Voor het gebruik van de IBM door organisaties onderscheiden de auteurs vier praktische toepassingsdoelen die los van elkaar maar ook aanvullend en opeenvolgend uitgevoerd kunnen worden. Zo kan men eerst kijken hoe het is gesteld met de algemene mate van intrapreneurial werkgedrag en/of naar het aantal intrapreneurs binnen de organisatie(-afdelingen). Vervolgens zou men kunnen kijken waar nu de knelpunten liggen en waar mogelijkheden liggen voor aanpassingen. Dan zou men een aantal intrapreneurs kunnen lokaliseren en deze vragen naar behoeften en mogelijke interventies. Tot slot kan men interventies en maatregelen ontwikkelen en in de praktijk brengen, toetsen en evalueren met behulp van de IBM. Tevens doen de auteurs een aantal suggesties voor de praktijk om afkappunten van scores intrapreneurship te bepalen.  

In onderstaande figuur geven de auteurs een model voor de relatie tussen Intrapreneurial klimaat en Intrapreneurial werkgedrag ten behoeve van verder onderzoek.

Referentie

Preenen, P.T.Y., Liebregts, W.J., Dhondt, S.; Oeij, P.R.A.,  Meulen, F.A. van der. (2014) ‘The Intrapreneurial Behaviour Measure (IBM). Een meetinstrument om intrapreneurial gedrag van werknemers en factoren die dit beïnvloeden te meten binnen organisaties.’ Leiden: TNO rapport R11792. Het rapport - met het meetinstrument – is als bijlage toegevoegd.

Thema: Intrapreneurship

Sector: n.v.t.

Bron: Onderzoeksrapport, Instrumenten/tools